VU licht sluier van Afvalbeleid 2000

VU licht sluier van Afvalbeleid 2000

Afvalvoorkoming aan de bron wordt doorkruist door de nefaste logica die uitgaat van de commercialisering van de almaar groeiende afvalberg. Immers, hoe meer afval er wordt geproduceerd, hoe hoger de winstmarges liggen voor de afvalverwerkende nijverheid. Deze stelling werd vanmiddag door de Volksunie verdedigd op het 19de Internationale Seminarie over Afvalbeheer aan de Vrije Universiteit van Brussel.

De verpakkingsindustrie schuift de steeds hogere factuur ongevraagd door naar de bevolking, die geen alternatieven heeft. De consumenten vinden in de (groot)warenhuizen nauwelijks milieuvriendelijk verpakte producten. Zo is de retourfles als gevolg van het Fost-Plussysteem en het al te voorzichtige afvalvoorkomingsbeleid op de terugweg. Een dergelijke aanpak is onverzoenbaar met de beginselen van de Ladder van Lansink. De ecologische LT-doelstellingen worden al te zeer ondergeschikt gemaakt aan economische KT-belangen. Terecht maakt de milieubeweging zich zorgen over deze gang van zaken in de sector van het afvalbeheer.

Bovendien dreigt een monopoliepositie van Tractebel in de afvalsector deze nefaste logica te versterken. Er is sprake van een fusie van Tractebelkleindochter VLAR met Indaver, een 50%-dochter van de Vlaamse Milieuholding. Meteen zou Tractebel de controle krijgen over 60 procent van de afvalverwerking in Vlaanderen. Een monopoliepositie in afvalverwerking belemmert volgens de Volksunie de ontwikkeling en toepassing van de meest ecologisch verantwoorde oplossingen. De monopolist Tractebel zal kiezen voor winstmaximalisatie zonder oog te hebben voor ecologische LT-doelstellingen. Zoals in de electriciteitssector, met Tractebeldochter Electrabel, zal de verticale integratie in de afvalverwerking ook leiden tot een kostenverhoging. De privé-aandeelhouders van Indaver laten alvast uitschijnen niet gediend te zijn met een dergelijk afvalmonopolie. De Vlaamse overheid moet hier dus om twee redenen - monopolievorming en ecologische redenen - dringend ingrijpen.

De Vlaamse overheid dient niet alleen een algemeen en stringent kader uit te tekenen, maar ook aanzetten te geven tot nieuwe, milieuvriendelijkere technieken van afvalbeheer en -verwerking. Indaver heeft bewezen op dit vlak verder te willen gaan dan de VLAR, die al te vaak zweert bij achterhaalde, klassieke methodes. Indien Tractebel slaagt in haar opzet (fusie met Indaver), wordt het moeilijker voor de Vlaamse overheid om een ecologisch verantwoord afvalbeleid te ontwikkelen. Nochtans dwingt het behoud van een leefbare wereld voor onze (klein)kinderen ons tot het trekken van 'groene' krijtlijnen waarbinnen de menselijke behoeften bevredigd kunnen worden zonder schade te berokkenen aan het milieu. Onze activiteiten mogen niet ten koste gaan van de toekomstige generaties en hun leefomgeving. De overheid vervult hierbij een sturende rol, onder meer via doelgerichte milieuheffingen (principe 'de vervuiler betaalt').

De Volksunie wil niet alleen de aandacht vestigen op de afwenteling van het afvalprobleem op toekomstige generaties (verontreinigde stortplaatsen), maar ook op de verplaatsing van het probleem (uitvoer naar Derde Wereldlanden en Centraal- en Oost-Europa met inbegrip van de Sovjetunie). Ook Vlaanderen exporteert giftig afval voor hergebruik naar ontwikkelingslanden dat daar dan eenvoudigweg wordt gestort. Ondanks internationale verdragen, zoals het Verdrag van Basel, neemt de export van (giftig) afval naar ontwikkelingslanden toe. Volgens het milieuprogramma UNEP voerden de OESO-landen in 1989 op die wijze één vijfde van hun afval uit. VN-rapporteur Fatma-Zohra Ksentini rangschikt Nederland, Duitsland, Engeland, Australië en de Verenigde Staten bij de grootste afvalexporteurs.

De bevolking en het leefmilieu in de ontwikkelingslanden dreigen het slachtoffer te worden van de ongecontroleerde dumping van giftige en niet-giftige stoffen. Om dit te voorkomen, is nood aan een grondige analyse en bijsturing van het afvalbeleid. Voorts zijn strengere normen en meer controles noodzakelijk. Dit geldt zeker bij de export van gevaarlijk afval naar landen die staan te trappelen voor harde deviezen en waar het welzijn van de bevolking en het leefmilieu niet de hoofdbekommernissen zijn van de regering.

Het Vlaams Gewest voerde de afgelopen drie jaar 328.265 ton afval uit naar acht niet-OESO-landen. China was de absolute koploper met 82.000 ton. Het ging in hoofdzaak om elektronische restanten van printplaten en elektronische onderdelen. In '97 veroverde Indonesië voor de eerste maal een plaatsje op de afvallijst door de invoer van 20.000 ton papier- en kartonresten en 850 ton gepolymiseerd polyproyleen. Naar India werden 23.760 ton ethyleenpolymeren geëxporteerd, naast 1.272 ton ijzerhoudende afvalstoffen en 300 ton gesorteerde lompen. De stadsstaat Hong Kong importeerde in '95 zo'n 15.000 ton cadmiumrestanten en schroot uit Vlaanderen.

De Russische Federatie, Israël, Maleisië en de Verenigde Arabische Emiraten zijn minder belangrijke afzetmarkten voor Vlaams afval. Rusland tekende in ‘96 voor 48 ton afval dat ontstaat bij de vervaardiging van staal en in ‘97 voor 1.100 ton residuen die metalen of metaalverbindingen bevatten. In '96 importeerden de Israëli's 5 ton koperresiduen. Naar Maleisië werden vorig jaar 1.000 ton vinylchloridepolymeren uitgevoerd. De Verenigde Arabische Emiraten tot slot waren in '97 goed voor de export van 1.200 ton ethyleenpolymeren.

Niet alle aanvragen voor de export van afvalstoffen worden echter goedgekeurd. Zo werd in '96 de uitvoer verboden van elektronische restanten, aluminiumafval en schroot naar China, van montageafval naar Hong Kong, van acrylpolymeren naar Polen en van aluminiumafval naar Taiwan. Vorig jaar stond de export van polyurethanen naar Saudi Arabië, van elektronische restanten naar China, van cokesrisduen naar Hong Kong en van vinylchloridepolymeren naar de Filippijnen op de zwarte lijst. Momenteel worden de aanvragen onderzocht voor afvalstromen naar Bahrein, China, Hong Kong en Taiwan.

Het Verdrag van Basel, dat het internationaal afvaltransport regelt, werd door het Vlaamse Gewest ge ntegreerd in het afvaldecreet van '84 en het Vlaams reglement inzake afvalvoorkoming (VLAREA). De ambtenaren van OVAM zijn bevoegd voor het toezicht op de naleving van Basel. Bij een overtreding laten ze een proces-verbaal opstellen, dat wordt doorgestuurd naar de Procureur. Daarnaast kan het Vlaams Gewest een beroep doen op vijf douaniers die sinds het wegvallen van de Europese binnengrenzen werden gedetacheerd naar de Cel Leefmilieu van het federale ministerie van Volksgezondheid en Leefmilieu.

Het afgelopen jaar werden in totaal 710 controles uitgevoerd in het binnenland, aan de grensovergangen en in de havengebieden. Sinds de inwerkingtreding van het Verdrag van Basel werden in het Vlaamse Gewest reeds 152 overtredingen vastgesteld. Daarvan hadden er 73 betrekking op illegale sluikhandel. Onder meer Micro Recycling uit Lanklaar, Grammet Recycling uit Vilvoorde, Areb Recycling uit Laarne, Teratex uit Tielt en de Antwerpse bedrijven Van Hout Kabelrecycling en Continental Green maakten zich schuldig aan overtredingen bij de export van afval naar niet-OESO-landen.

Auteur:

VU-fractie Vlaams parlement

Filip Vandenbroeke, wetenschappelijk medewerker