Proefproject met waterstofbus De Lijn wordt eind mei stopgezet
Eind deze maand is het afgelopen met het proefproject van De Lijn met een unieke waterstofbus van busbouwer Van Hool. Dat kreeg Vlaams volksvertegenwoordiger Cindy Franssen te horen toen zij in de commissie Mobiliteit minister Van Brempt naar de evaluatie van het proefproject vroeg.Eerdere vragen van Franssen over de waterstofbussen wezen uit dat het comfort voor de reizigers hoog is, de chauffeurs geen grote aanpassingsproblemen hebben, maar wel dat de batterijen problemen geven en de oplaadtijd hoog is. Om die reden werd de halfjaarlijkse proefperiode in januari met enkele weken verlengd. Nu blijkt dat die verlenging tot einde mei loopt, en dat de nieuwe types batterijen pas deze maand in gebruik worden genomen.Een eindevaluatie kon of wilde de minister nog niet geven. Wel valt eind mei het doek over het project. De Lijn en Van Hool hebben geen contract meer voor voortzetting van het experiment na mei, verklaarde de minister. Ze zou het eindrapport eind mei aan de commissie bezorgen.Volgens de minister is de inzet van waterstofgedreven bussen technisch en economisch geen alternatief. De levensduur van de batterijen en de brandstofcel is te beperkt. Wel is het verantwoord om met de constructeurs verdere proeven en testen in een exploitatie-omgeving te houden om zo de waterstofbus verder te laten evolueren. In de toekomst (binnen tien à twintig jaar) zullen waterstofgedreven bussen wellicht effectief ingezet worden, zeker in een stedelijke omgeving.Nochtans kondigde in november 2007 het magazine van De Lijn nog met veel omhaal “de strijd om de groene trui” aan: “De Lijn wordt erkend als een voortrekker in het gebruik van milieubewuste nieuwe technologieën en oplossingen. Ook volgens het Milieurapport Vlaanderen zullen de batterij-elektrische voertuigen en brandstofcelvoertuigen de meest gunstige milieu- en energieprestaties halen”.Gedelegeerd bestuurder Ingrid Lieten stelde “dat deze waterstofbus voor De Lijn een experiment was om ervaring op te doen met de nieuwe technologie. Op die manier zetten we een nieuwe stap naar de opwaardering van het openbaar vervoer. Via de nuluitstoot en met geluidsarme, comfortabele bussen willen we de reizigers ervan overtuigen de auto thuis te laten”. Cindy Franssen betreurt het abrupte einde, zonder dat het hele plaatje aan het parlement werd voorgelegd. “Dit is bovendien ecologisch een stap achteruit, gelet op de nuluitstoot van waterstofgedreven bussen”, aldus Franssen.



Printervriendelijke versie
top